Sociale innovatie
maandag, 19 mei 2014 08:18

Mijn bijdrage aan de reeks. Uit NRC Next van 19 mei 2014

Wil je nog tips om zelf aan de slag te gaan?

Vergeten vaardigheden uit de zandbaktijd

Veel mensen kunnen moeilijk tot niet omgaan met het nieuwe paradigma, ofwel de wisseling van de wacht qua fundamentele manier van kijken naar de wereld.

Met zo'n paradigma moet je leren omgaan. Veel mensen schrikken daarvan. Nu het goede  nieuws. Het gaat voor een groot deel om vaardigheden die we in onze kindertijd ongeremd gebruikten. Ja, ook jij. Talenten die we na groep 2 moesten wegdrukken. We hebben ze nog. En laten dit nu net de vaardigheden zijn die we nodig hebben om in het aanstaande nieuwe paradigma - want zo kun je dat wel noemen - mee te kunnen spelen.

Denk terug aan je zandbaktijd. Hoe je aan de hand van een pakkend verhaal, dat je samen ter plaatse bedacht, leerde improviseren, samen te werken, van rol te verwisselen, enzovoorts.

Vergeet niet dat ze allemaal met elkaar verweven zijn.

1.  Ga aan de slag met kansen, niet met het analyseren en oplossen van problemen. Ook het herbenoemen van problemen in uitdagingen is niet genoeg, want een woordspel. De problemen zijn er wel, maar ze zijn geen focus. Problemen oplossen is het verleden trachten te repareren. Kansen pakken is toekomstgericht. Mogelijk gereedschap hierbij kan zijn: Solution focus technieken (bijvoorbeeld het oplossingsgericht denken van Jackson en McKergow), Positieve Uitzonderingen zoeken (zoals de Positive Deviance aanpak van J. Sternin). Ga door met wat werkt, analyseer niet waarom iets mislukt. Dat deden Jerry en Monique Sternin in Vietnam met ondervoede kinderen in de eerste jaren '90.

'Zoek de gewenste positieve uitzondering op de probleemsituatie en faciliteer de verdere verspreiding ervan', stelt Jerry Sternin. Hij belooft geen kant-en-klare oplossingen, maar gaat uit van ‘respectvolle ondersteuning van de evolutie’. Want zijn stelling is: de oplossing zit al in het systeem. Hij ging naar de gezinnen met ondervoede kinderen en registreerde het voedingsgedrag van die gezinnen. In een bepaald dorp bleek bijvoorbeeld dat men de kinderen alleen maar rijst gaf, en maar één keer per dag. Die klomp eten kwam er vaak meteen weer uit. Hij informeerde naar de positieve uitzonderingen op voedingsgewoonten in het betreffende dorp en noteerde ook daar hoe dat verliep. Het bleek dat deze verzorgers in die gemeenschap door het rijstmenu vermalen zoetwaterkrabbetjes deden die ze uit de rijstvelden haalden en het groen van zoete aardappels mengden die ze gratis uit de velden haalden. Nu ging het erom deze uitzonderlijke gewoonten meer algemeen gebruik te maken. Je zou verwachten dat hij een 'opvoedingscursus' ging geven aan de ‘niet-wetende’ groep. Sternin deed iets anders. Niks cognitief leren. Ervaringsleren! Hij vroeg de dorpelingen in kookworkshops mee te doen. Wat men (als toelatingsprijs) moest meebrengen waren die krabbetjes en bladeren. Na enkele weken was men aan deze praktijk gewend en ontstond er een nieuw eetpatroon door het ervaringsleren. Zo ging de ploeg van de Sternins van dorp naar dorp. En in elk dorp kon de oplossing weer anders uitpakken, bijvoorbeeld door het gebruik van sesamzaad.

Binnen een half jaar had tweederde van de kinderen aan gewicht gewonnen. Na twee jaar liep dit op naar 85%. Het model werd daarna algemeen toegepast door de regering van Vietnam.

Niet problemen oplossen, want dan verzuip je in de complexiteit, maar bestaande, goede uitzonderingen versterken.

2.  Denk en handel in verbindingen: relaties, vruchtbare coalities, strategische allianties, netwerken, teams, co-creatie, enzovoorts. Een groep weet meer en is beter dan de som der delen.

Mogelijk gereedschap:

a. opstellingen (familieopstellingen, organisatieopstellingen)

b. alles slopen dat muren tussen afdelingen en onderdelen in stand houdt: teamwerk bevorderen, synergie als thema aan de orde stellen, gebruik hierbij nr1: wanneer werkte het goed en hoe kon dit zo gebeuren?

c. laat ideeën de verbindingen vormen (ga geen visies bedenken als ze er niet zijn, maar doe het praktischer met concepten (wat is het concept dat ons drijft, al is het maar zo lang als het werkt; geen eeuwige waarheden zoeken).

In het voorbeeld van Sternin zagen we hoe een heel dorp zichzelf uit een ingeroest voedingspatroon kon bevrijden. Meerdere maaltijden per dag aan de kinderen geven vereiste de medewerking van buren en familieleden. Ook het laten bedenken van hun eigen 'eethappening' om zieltjes te winnen werd in ieder dorp zelf bedacht en georganiseerd.

3.  Hou dingen die goed gaan in beweging: processen zijn belangrijker dan structuren, . Bijv. focus op behapbare small gains, plan geen lineaire weg naar een doel ergens in de toekomst. In bewegingen denken is de bal spelen waar je medespeler gaat komen, niet waar hij nu is. Maak in je hoofd geen vast ding van een vorm. Vraag na een vergadering niet 'waar zijn we het allemaal over eens?', maar 'wie neem jij de volgende keer mee?' Plak niet te snel een begrip op iets, dan is het 'dood'. Zie iets materieels niet als een ding maar als een proces, dus als Lego-systeem: onderdelen zijn altijd in beweging en vervangbaar. Denk in een abonnement op mobiliteit, inclusief een auto. Maak verschil tussen kloktijd (Grieks: chronos) en de juiste tijd, het juiste moment voor iets (Grieks: kairos).

De Sternins in Vietnam zorgden ervoor dat de gewichtstoename van de kinderen die in het programma meededen, goed werd bijgehouden en voor alle andere ouders en verzorgers zichtbaar in het dorp werden opgehangen. Iedereen kon ook goed zien dat de kinderen 'stouter' werden - levendiger dus - naarmate ze meer in gewicht toenamen. Die zichtbaarheid van resultaten was van groot belang voor uitbreiding van de groep deelnemers. De succesformule van de positieve uitzondering is na Vietnam in vele andere landen toegepast op evenzo vele maatschappelijke uitdagingen. Ook in bedrijven, trouwens.

4.  Laat meer kanten van jezelf zien, zo nodig tegelijk. Zoek niet naar dat ene statement dat alles verklaart - dit wordt toch onwerkbaar vaag. Mobiliseer in verschillende contexten ook andere delen van jezelf, je organisatie, je team. Je bent zelf daardoor situationeel bepaald. Stop ook anderen niet in hokjes of standaardprogramma's. Laat mensen zichzelf maar classificeren op basis van wat ze zelf denken nodig te hebben. Faciliteer dit.

Om het te ervaren kun je het volgende gedachte experiment doen: laat in je gedachten drie of vier die je na aan het hart liggen een film maken over jouw leven. Hoe zien die films eruit? Ongetwijfeld verschillend!

In elk dorp waar de Sternins kwamen, lieten ze zich verrassen door de locale oplossing die de 'positieve devianten' hadden gevonden voor de ondervoeding. Ze pasten dus het programma aan de context aan. Ze voerden geen standaardprogramma uit. 

5.  Ga doenken: combineer denken en doen. Denken met je handen wordt het ook wel genoemd. Of, wat stijlvoller geformuleerd, ontwikkelen in dialoog met de vorm. Maak geen dikke strategische verhalen vooraf, zeker niet over abstracte werkelijkheden, zoals de toekomst, de cultuur of identiteit. Maatschappelijke projecten zijn vaak nogal massaal van karakter ('de burger').De aanpak wordt dan te generiek en te abstract. Maak in plaats daarvan een vroege fase al prototypen van een oplossing en vraag je team: stel dat het er zo uit zou zien? Is dit dan wat we willen? Probeer veel uit, ga door met wat werkt en betrek de doelgroep bij de ontwikkeling.

Gereedschap:

a. schetsen, knippen, plakken, fotomontages, snel gemaakte video's

b. voorbeelden verzamelen, inspiratiereizen organiseren

c. uitwerken alsof het hiermee al klaar zou zijn (uiteraard is het nooit af, maar blijft het zich ontwikkelen (zie 3.)

'It is easier to act your way into a new way of thinking, than to think your way into a new way of acting', schrijven de Sternins. Ervaringsleren.

6. Het 'lagere' is belangrijker dan het 'hogere' . Onder 'lager' valt: het relatieve, informele, subjectieve, locale, praktische. 'Hoger' is absoluut, generiek, overtreffende trap ('de mooiste', 'de lekkerste'), formeel, allesomvattend, ideaal, zoals hogere waarden, en visies. Het absolute en ideale is niet interessant meer. Te ver weg. Niet praktisch. Misschien kun je  meer onderscheid maken tussen idealen en ambities en doelen. Dit wil niet zeggen dat je geen dromen mag hebben. De lat van de maatschappelijke veranderingen wordt nog vaak ergens hoog idealistisch opgehangen: we willen XYZ de wereld uit hebben. Het gevolg: we zijn altijd ontevreden omdat iets nooit 'af' is. Interessanter is: Waar zijn we ten opzichte van gisteren, ten opzichte van anderen, hoe verhouden wij ons NU? In plaats van IK versus JIJ wordt de relatie IKJIJ de 'rekeneenheid'. Neem relaties als uitgangspunt. Wat gebeurt er NU tussen ons?

Sta jezelf en anderen toe om de lat lager te leggen, dichter bij huis. Om voortgang uit te drukken in small gains. Kleinschalig ergens mee beginnen - bijvoorbeeld daar waar mensen al lekker bezig zijn - en er een olievlek van maken, in plaats van het nationaal uitrollen van een programma. Gebruik aanwezige resources (grondstoffen, ideeën, geld) uit de omgeving.

Voordat de Vietnamese overheid via Save The Children aan Sternin c.s. de opdracht gaf, waren er al klassieke adviseurs langs geweest. Die hadden het ideale standaardmodel van eerst-alle-oorzaken-analyseren-en-die-wegnemen-dan-het-probleem-aanpakken voorgesteld: eerst de infrastructuur verbeteren, en de gezondheidszorg, en de santaire voorzieningen, en de voorlichting, en de voedseldistributie, enz. enz. Sternin noemt die aanpak: TBU, ofwel True But Useless. Hij kreeg een half jaar om te laten zien dat zijn eerste pilot werkte.

7. Kleur 'ns buiten de lijntjes. Werk buiten je comfort zone. Maak het jezelf 'moeilijk'. Verras jezelf. Sociale innovatie heet niet voor niets zo. Probeer een weg te vinden om je verrassende ideeën langs alle mensen en gremia te loodsen die alleen maar nee mogen zeggen en geen ja.

Tools: het informele circuit gebruiken: voorbakken, stel dat jullie het 3 minuten met me eens zouden zijn, wat dan … Betrek alle beslissers in een vroege fase in het complot. Maak de allereerste intuïtieve reactie van mensen belangrijk, geef daar ruimte aan.

De aanpak van Sternin c.s. kent veel gedaanten: oplossingsgericht werken, ook wel progressiegericht werken genoemd, ik noem het zelf liever kansgericht als tegenhanger van probleemgericht.

8.  Communiceren is onderhandelen en afstemmen in taal en teken. Continu. Probeer geen boodschappen tussen de oren te krijgen. Je hersenen zijn operationeel gezien een gesloten systeem dat zelf bepaalt wat het toelaat als 'verstoring'. Iedereen schept zijn eigen werkelijkheid, gebaseerd op persoonlijke verhalen en interpretaties. De burger, de weggebruiker, de …  bestaat niet. Het zijn mentale constructies, net als merken, organisaties, culturen enz. Toepassingen: Inspireer mensen (als individu), help ze concreet in hun leven, geef ze tips, maak interessante platforms en interfaces waar je elkaar kunt treffen en je diensten kunt aanbieden, ook met andere partijen. De verhalen bij de koffiemachine zijn vaak belangrijker dan formele verklaringen.

In Vietnam en al die tientallen andere landen waar de Positive Deviant-aanpak is gevolgd, is het succes mede gestoeld op niet-belerende, niet-theoretische communicatie, met respect voor de eigen interpretaties. De communicatie wordt in feite door de ouders en verzorgers zelf verder gedragen in de gemeenschap omdat ze er eigenaar van zijn. Ze hebben het zelf bedacht. Natuurlijk gefaciliteerd door invoelende en respectvolle begeleiders, maar toch...

 

 

Voor meer sociale innovatie:
http://www.eggofcolumbus.net/page/nrc-next

 

Voeg je reactie toe

Je naam:
Onderwerp:
Reactie: